De breedte is één controlepunt. Stem de volledige verpakking af op jouw exacte printermodel.
Printmethode
De M110, M220, D520BT en PM241-BT gebruiken direct-thermische labels. Labels voor inkjet, laser of thermische overdracht zijn niet onderling uitwisselbaar.
Formaat & bedrukbaar oppervlak
Controleer de volledige breedte van het rugpapier en de breedte en lengte van het label. Je ontwerp moet binnen het bedrukbare oppervlak passen, met ruimte voor marges.
Labeldetectie
De printer moet elk label herkennen. Stem de tussenruimte of zwarte markering af op het model en voer daarna de labelkalibratie uit. Ga er niet van uit dat transparant of doorlopend materiaal werkt.
Rol & invoer
Controleer de rolkern, buitendiameter, wikkelrichting en materiaaldikte. Bekijk bij gevouwen labels ook de invoerroute. Een houder maakt ongeschikt materiaal niet geschikt.
Indeling & instellingen
Stel het juiste labelformaat, de vorm en de richting in de app of driver in. Print eerst één proeflabel voordat je een partij maakt.
Ondergrond & omstandigheden
Kies lijmlaag en materiaal voor het product, vocht, warmte en de gewenste levensduur. Een sticker die in de printer past, is niet automatisch geschikt voor elke ondergrond.
Twee stickers kunnen allebei Ø 50 mm meten en toch verschillend rugpapier, andere tussenruimtes of rollen gebruiken.